Uw redacteur gaf het eerlijk aan: van pruimen geen verstand. Je bent een gelukkig mens als je bevriende collegae hebt, die er meer verstand van hebben dan jij en je nog willen helpen ook.
De door mij hooggewaardeerde opperredacteur van de met de POM bevriende Noordelijke Pomologische Vereniging, Jan Veel, heeft gelukkig wel verstand van pruimen.
Hij stuurde mij de volgende informatie:
"Wilde pruimen en de meeste (doorgeschoten) onderstammen zijn bezet met doornen. Vroeger zijn er veel verschillende onderstammen gebruikt. Sommige daarvan, Myrobolan, Brompton Mussels en Pershore hebben tot 10 cm lange doorns, het Geel Kroosje zelfs tot 15 cm lange. St. Julien A heeft erg veel doorns die sterk variëren in grootte, daarom is deze uit de teelt verdwenen. De meest gebruikte onderstam, St. Julien C, heeft heel weinig doorns. Dat is één van de redenen, naast de goede vergroeiing van de ent, dat alleen deze onderstam in de teelt is overgebleven".
Jan bedankt. Misschien had ik je tevoren moeten uitnodigen voor een cursus "preventieve ARBO voor pomologen".
En Jan, als je nog es iets wil weten over Driekwartnoten, Knolperen of Kafappels of zo, graag tot wederdienst bereid!
En tot slot: als je es op mijn mooiste pomologische plekjes een kijkje wilt nemen, wees mijn gast!